Een doctoraat, een goeie start voor je carrière?

Het aantal toegekende doctoraten aan de Belgische universiteiten is sinds 1990 meer dan verdubbeld. Maar zo’n doctoraat is al lang geen toegangspasje meer voor een job aan de universiteit. Waar komen al die doctors dan wel terecht?

Een doctoraat, een goeie start voor je carrière?

Het OESO-project ‘Careers of Doctorate Holders’ brengt al verschillende jaren de carrières van doctoraathouders in meer dan 20 landen in kaart. Eind april verscheen een nieuw rapport op basis van de cijfers van 2010. Het onderzoek bekijkt de carrières, de jobmobiliteit en de betrokkenheid bij onderzoek voor iedereen die een doctoraat behaalde in het laatste decennium van de 20ste  eeuw of in het eerste decennium van de 21ste  eeuw.

2 op 3 hebben job buiten de universiteit

De carrières van doctoraathouders zijn zeer divers. Een op de drie doctoraathouders is na vijf jaar nog steeds aan het werk aan de universiteit. 22,7% trok naar de industrie en 11,7% naar de overheid. Ziekenhuizen en hogescholen bieden werk aan 7,6% van de doctoraathouders. Het merendeel van de doctoraatshouders is aan de slag als wetenschappelijk of technisch medewerker (44,1%). 21,7% doceert en 12,1% werkt op managementniveau.

Innovatie in bedrijfsleven

Karl Boosten van de dienst Federaal Wetenschapsbeleid werkte samen met het Vlaams interuniversitair centrum voor Onderzoek & Ontwikkelingsmonitoring mee aan de analyse van de data. “Doctoraalstudenten beseffen heel goed dat een doctoraat niet meer automatisch naar een job aan de universiteit leidt. Dat was ook het doel van het beleid. Qua doorstroming naar de privésector zit België op hetzelfde niveau als de Verenigde Staten. In landen als Portugal en diverse Oost-Europese landen zit men nog in het stadium dat de afgestudeerde doctorandi veelal aan de universiteit blijven.” Doctoraathouders beschikken over hooggespecialiseerde vaardigheden en kennis en dat kan volgens Karl Boosten alleen maar helpen om de innovatieve slagkracht van de ondernemingen te verhogen en op die manier een troef zijn in de concurrentiestrijd met de groeilanden. “In de kenniseconomie is het nu eenmaal belangrijk om alle troeven in de strijd te gooien.”

Doctoral schools

Omdat in het verleden gebleken is dat de overstap van de academische wereld naar de privésector niet altijd even gemakkelijk is, wordt in de verschillende doctoral schools die aan de universiteiten verbonden zijn aan de jongeren ook duidelijk gemaakt dat een doctoraat tegenwoordig meestal de eerste stap is op weg naar het afscheid van de academische wereld. Vandaar dat die doctoral schools de studenten ook andere competenties, zoals managementvaardigheden en kennis over intellectuele eigendom, onder de knie helpen te krijgen. “De training in algemene vaardigheden is alleszins een extra troef voor mensen die dankzij hun ervaring met onderzoek en ontwikkeling en hun hooggespecialiseerde kennis sowieso breed inzetbaar zijn. Zeker in een tijd waarin echte vakspecialisten broodnodig zijn, blijft een doctoraat voor studenten een aantrekkelijke manier om hun jobkansen te verhogen. Wie ervoor kiest moet wel goed beseffen dat de kans heel groot is dat hij zijn carrière buiten de academische wereld zal moeten maken.”

Maandag 5 Mei 2014 om 11:30

Geert Degrande